Bij huwelijken die worden gesloten onder huwelijkse- of partnerschapsvoorwaarden zijn het finaal verrekenbeding en het periodiekverrekenbeding de meest voorkomende bedingen.
Finaal verrekenbeding
Bij een finaal verrekenbeding reken je bij scheiding af alsof er een (pseudo)gemeenschap was. Een finaal verrekenbeding houdt in dat bij scheiding wordt afgerekend alsof er een algehele gemeenschap van goederen bestond. Bij scheiding moet dan 50/50 worden afgerekend, uitzonderingen daargelaten.
Periodiek verrekenbeding
Een periodiek verrekenbeding betekent dat de echtgenoten of partners jaarlijks het overgespaard inkomen (na kosten huishouding) met elkaar delen. In de praktijk wordt hieraan veelal geen gehoor gegeven en de gevolgen zijn dan groot. De rechtbank gaat er in zo’n geval namelijk in beginsel vanuit dat al het aanwezige vermogen is gevormd door inkomen dat verrekend had moeten worden en verdeelt het aanwezige vermogen dan 50/50 tussen partijen.
Erfenissen en schenkingen vallen doorgaans buiten het finale- en periodieke verrekenbeding. Echter, degene die stelt dat er sprake was van een erfenis of schenking moet wel aantonen en (bij betwisting) bewijzen dat deze is ontvangen. Het is dan ook belangrijk een goede administratie erop na te houden. Onder omstandigheden kan het overigens als onredelijk worden gekwalificeerd dat de éne partner of echtgenoot de helft van een door de ander ontvangen erfenis of schenking dient terug te betalen. Dat is bijvoorbeeld het geval indien die laatste de zeggenschap had over het geld en deze gelden zijn aangewend ter bekostiging van de kosten van de huishouding.
Over de auteur

Rosanne Silven
Personen- en Familierecht
Na het behalen van de master privaatrecht aan de Vrije Universiteit te Amsterdam heb ik bij diverse advocatenkantoren gewerkt en ervaring opgedaan in de algemene civiele praktijk. Inmiddels heb ik mij volledig toegelegd op het personen- en familierecht in de ruimste zin met speciale aandacht voor zaken waarbij ondernemers zijn betrokken.
Lees meer over Rosanne